Waarom is benzine in Nederland zo duur?
Bedragen gecontroleerd op 31 augustus 2026 · tarieven en prijzen kunnen wijzigen
Je rijdt langs twee tankstations op tien minuten van elkaar en betaalt zomaar twintig cent per liter verschil. Dat voelt willekeurig. Dat is het niet: een groot deel van de literprijs ligt vast, en het deel dat wél verschilt is precies het deel waar je zelf invloed op hebt.
Waar je geld naartoe gaat
Neem een pompprijs van € 2,35 per liter Euro95 — ongeveer het landelijk gemiddelde eind augustus 2026.
| Deel | Per liter | Aandeel |
|---|---|---|
| Accijns | € 0,845 | 36% |
| Btw (21%) | € 0,408 | 17% |
| Product, transport en marge | € 1,097 | 47% |
Dit is een rekenvoorbeeld. De accijns staat vast per liter, maar het btw-bedrag beweegt mee met de pompprijs. Daardoor verandert de verhouding tussen belasting en de rest wanneer benzine duurder of goedkoper wordt: bij € 2,35 gaat ongeveer 53 procent naar de staat, bij een lagere pompprijs is dat aandeel juist groter.
Accijns: een vast bedrag, geen percentage
Accijns is een vast bedrag per liter. In 2026 is dat 84,47 cent voor benzine, 55,23 cent voor diesel en 36,90 cent voor LPG.
Dat "vast" is belangrijker dan het klinkt. Omdat de accijns niet meebeweegt met de olieprijs, verandert het aandeel ervan continu. Als je hoort dat de olieprijs met tien procent daalt, daalt jouw literprijs dus niet met tien procent — over het grootste deel van wat je betaalt, is die daling helemaal niet gegaan.
Btw: belasting over belasting
De btw van 21 procent wordt niet berekend over de kale brandstof, maar over het bedrag inclusief accijns. Je betaalt dus btw over je accijns.
Dat is geen fout en geen truc — zo werkt btw op vrijwel alles waar accijns op zit — maar het verklaart wel waarom de prijs harder oploopt dan je zou verwachten. Elke cent die de kale brandstof duurder wordt, kost je aan de pomp 1,21 cent.
Waarom België en Duitsland goedkoper zijn
Tanken over de grens is in Nederland een terugkerend gespreksonderwerp, en het verschil is echt. Het zit alleen niet in de brandstof zelf: de ruwe olie komt uit dezelfde markt en vaak zelfs uit dezelfde havens. Het zit in de accijns, en Nederland heft daarvan een van de hoogste tarieven van Europa.
In de week van 24 augustus 2026 zag dat er zo uit, volgens de wekelijkse prijsopgave die de lidstaten aan de Europese Commissie doorgeven:
| Land | Euro95 per liter | Verschil met NL |
|---|---|---|
| Nederland | € 2,353 | — |
| Duitsland | € 2,245 | € 0,11 goedkoper |
| België | € 1,900 | € 0,45 goedkoper |
Op een tank van veertig liter is dat achttien euro verschil met België, en ruim vier euro met Duitsland.
Of omrijden loont, hangt daarna af van je afstand tot de grens: elke kilometer die je extra rijdt, eet van het verschil. Rijd je honderd kilometer heen en terug extra, dan kost dat bij een verbruik van 1 op 15 ongeveer € 15,70 aan brandstof — bijna het hele Belgische voordeel, en ruim drie keer het Duitse. Voor wie in Limburg of Zeeuws-Vlaanderen woont is dat een andere som dan voor wie in Groningen woont.
Het verschil tussen twee pompen in dezelfde stad
Blijft over: de brandstof zelf, het transport, de opslag en de marge van het station. Dat is het deel dat per dag en per pomp verschilt, en het verschilt flink.
Wat erin zit:
- De inkoopprijs, die meebeweegt met de olieprijs en de koers van de dollar. Dit stuurt de landelijke trend van week tot week.
- De locatie. Een pomp langs de snelweg betaalt meer voor zijn grond en rekent meer. Een onbemand station in een buitenwijk heeft nauwelijks personeelskosten.
- De concurrentie in de straat. Twee pompen tegenover elkaar houden elkaar scherp; een pomp zonder buren binnen vijf kilometer hoeft dat niet.
Het verschil ontstaat in de prijs vóór btw. De btw vergroot dat verschil vervolgens met 21 procent: een prijsverschil van twintig cent aan de pomp bestaat uit ongeveer 16,5 cent verschil vóór btw en 3,5 cent meer btw.
Hoe groot is dat verschil in de praktijk? Op 31 augustus 2026 maten wij rond Rotterdam 124 tankstations binnen tien kilometer. De goedkoopste Euro95 stond op € 2,269, de duurste op € 2,659 — een verschil van 39 cent per liter, voor Euro95 E10 die aan dezelfde wettelijke productnormen moet voldoen.
De adviesprijs die je in het nieuws hoort, helpt daar niet bij. Dat is een landelijk richtbedrag; tankstations zijn niet verplicht die prijs te rekenen en wijken er vaak van af, naar boven en naar beneden.
Wat het je oplevert
De accijns en de btw kun je niet veranderen. Bij € 2,35 per liter is dat samen zo'n 53 procent van je rekening, en geen enkele app of rijstijl verandert daar iets aan.
Het derde blok is een ander verhaal. Twintig cent verschil bespaart op een tank van veertig liter acht euro. Tank je twee keer per maand, dan loopt dat op tot bijna tweehonderd euro per jaar. Wie veel rijdt, of wie in een stad woont waar de spreiding groter is dan twintig cent — zoals de 39 cent die we in Rotterdam maten — kan aanzienlijk meer besparen.
De belastingtarieven kun je niet veranderen. Wel kun je voorkomen dat je onnodig bij de duurste pomp staat. Stuur je locatie naar TankAlert en je ziet welke stations bij jou in de buurt vandaag het goedkoopst zijn.
Bronnen
- Accijnstarieven 2026: Douane — tarievenlijst accijns en verbruiksbelasting, geraadpleegd op 31 augustus 2026.
- Gemiddelde pompprijzen: CBS — Pompprijzen motorbrandstoffen, geraadpleegd op 31 augustus 2026.
- Prijzen per land: EU Weekly Oil Bulletin, week van 24 augustus 2026. Dit zijn landelijke gemiddelde consumentenprijzen inclusief alle belastingen.
- Opbouw van de literprijs: UnitedConsumers — hoe de brandstofprijs is opgebouwd en ANWB — accijns en btw op brandstof, beide geraadpleegd op 31 augustus 2026.
- De cijfers voor Rotterdam zijn onze eigen metingen van 31 augustus 2026: 124 tankstations binnen tien kilometer van het centrum. De prijzen die we je via WhatsApp sturen dragen altijd de datum waarop ze gemeten zijn.